Ansali.be

geplaatst op:september 2009; laatste herziening op: 01/09/2009

'Van De Grote Recessie naar De Fatale Banaan?'

Nu ongeveer 30 jaar geleden las ik het boek van John Kenneth Galbraith over de crash van 1929. Maar naast dit boek las ik andere geschiedenisboeken over die periode. Wat betreft president Hoover kreeg ik de indruk dat de 2 bronnen elkaar tegenspraken. Ik herkende nauwelijks de president Hoover, zoals die door Galbraith werd beschreven. Tijdens het herlezen van Galbraith's boek stelde ik toen, opnieuw verrast, vast dat wat feiten betreft er eigenlijk geen strijdigheden te vinden waren. Het was de toon die Galbraith aanhield die de president Hoover zo deed verschillen met de andere bronnen. Zelf waar president Hoover krediet verdient wordt door Galbraith afgedaan als een onvoldoende. Terecht misschien, maar die president Hoover zoals ik hem leerde kennen na het lezen van andere bronnen doet me wel erg denken aan president Barack Obama. Algemeen, zo is mijn indruk, wordt aangenomen dat de huidige crisis totaal anders werd aangepakt dan 80 jaar geleden. Ik neem dat zomaar niet en vind heel veel gelijkenissen tussen de 2 gebeurtenissen na de crash. De eerste gelijkenis is het koersverloop na de crash. Tot nu toe 01/09/2009 valt de opmerkelijke oplevingen van de beide beursindexen op. Een opvallend gelijkenis tegenover het opvallend verschil/contrast van de index grafieken vóór de crashen. De huidige Dow viel na een daling van december 2007 tot september 2008. In 1929 viel de index op een hoogtepunt van de Dow.

Mijn persoonlijke mening

Hiervoor verwijs ik het liefst naar de site van Robert Mundell

Robert Mundell

I believe that exchange rate volatility is a major threat to prosperity in the world today. It is volatility of exchange rates that causes unnecessary volatility in capital markets.
Whenever the exchange rate overshoots it affects the real value of taxes, the value of all financial assets, the domestic price level and eventually wage rates. An unstable exchange rate means unstable financial markets, and a stable exchange rate means more stable financial markets…

Robert Mundell gelooft dat de volatiliteit van wisselkoersen een belangrijke bedreiging is voor de hedendaagse welvaart in de wereld. Volgens Mundell veroorzaakt volatiele wisselkoersen onnodige volatiliteit op de kapitaal markten. Grote koersschommelingen beïnvloeden de reële waarde van taksen, de waarde van alle financiële activa, de binnenlandse prijszetting en opbrengst marges. Onstabiele wisselkoersen betekent onstabiele financiële markten en stabiele wisselkoersen betekent stabiele financiële markten.

Overeenkomsten De Grote Recessie en De Grote Crisis?

Als zal blijken dat deze crisis: De Grote Recessie, een fatale banaan wordt, (sinds 1979 is het woord depressie een taboe) een herhaling wordt van de De Grote Crisis die een Grote Depressie werd, dan lijkt het me niet moeilijk te voorspellen dat er in de toekomstige werken over grote crises veel, véél meer aandacht zal besteed worden aan de eerste maanden na de crash. In de beschrijving over het verloop van de crash uit 1929 vond ik één regel en een half terug uit het boek van John Kenneth Galbraith. (Ik heb evenwel het boek niet volledig opnieuw herlezen, nvdr). Waarin de econoom zijn zin afmaakt dat de beurzen daarna verder daalden, dag in dag uit, week in week uit, maand in maand uit, jaar in jaar uit tot haar dieptepunt in juli 1932. De hoogte van die val was te vergelijken met deze van die ene dag op 28 oktober1929.

Om op de verschillen die eerder gelijkenissen zijn terug te komen. In tegenstelling met President Obama werd Hoover verkozen in 1928 één jaar voor de crash dan wel in hetzelfde jaar. Volgens Galbraith met grote meerderheid van stemmen. Voordien was hij minister van economie en schrijft Galbraith daarover: “Als minister van economie van handel had hij naar niets zo ernstig gestreefd als naar het onder controle brengen van de markt […] hetgeen in gelijke mate door president Calvin Coolidge en de Federal Reserve Board werd gedwarsboomd, om zijn gedachten in daden om te zetten.” Zeg nu zelf; klinkt dit niet tegendraads met wat over Hoover vooral wordt verteld dat hij te sterk geloofde in de vrije markt dan dat hij tot ingrijpende maatregelen wilde overgaan? Terecht vind ik onvoldoende, het zijn daden en de daaraanvolgend resultaten die uiteindelijk tellen. “The Agriculture Market Act” bedoeld om de boeren te ondersteunen werd voor de crash uitgevaardigd en niet erna zoals wel eens wordt aangegeven als één van zijn ondernemingen om de situatie te keren. De moeilijkheden in de landbouw werd ook door Galbraith aangehaald als druk op de banken, met betrekking tot kredieten die niet terug betaald konden worden. Het kwam uit een encyclopedie over geschiedenis waarin ik las hoe president Hoover reageerde op de val van de markten en de dreiging van een economisch collaps. Hoover reageerde zoals ik vond, als liefhebber van Lord John Mayard Keynes zoals elke bewindvoerder zou moeten reageren, namelijk door te spenderen. Hij verlaagde de belastingen en breide de openbare werken over gans het land sterk uit. Ik herinner me zeker dat ik me erbij afvroeg hoe zit het nu eigenlijk? Echter al niet zo expliciet en minnetjes bevestigd Galbraith dit in zijn boek.”De eerste stap van Hoover zou ontleend kunnen zijn aan de latere werken van de econoom John Maynard Keynes. […]. Beiden bronnen zijn er het ook over eens dat de maatregelen zonder gevolgen bleven. Voor de één tengevolge de onderlinge ruzies van ondernemers. Galbraith zag het als “georganiseerde geruststelling op grote schaal” De belastingverlaging van 1%, was als ze practisch werd uitgewerkt van veel geringer betekenis dan de slagzin: “1% belastingverlaging.” deed veronderstellen.

Ik heb veel respect voor John Kenneth Galbraith, Ik las enkele van zijn boeken met veel plezier en niet zonder bewondering voor de krachtige schrijfstijl die zijn beschrijvingen doet lezen als een spannend verhaal. Hij vertelt niets over de 5 maanden durende opleving van de beurs vanaf januari 1930, tenzij op politiek vlak. De al dan niet vermeende gelijkenissen die ik hierna opnoem zijn onrechtstreeks, en betreft omschrijvingen rond het politiek gebeuren, en het psychologisch klimaat die er heerste, de eerste maanden na de crash. Zij doen me denken dat het nu niet anders verloopt als toen. Naarmate de tijd verloopt en ik het nieuws blijf volgen neemt deze mening toe. Soms om zaken die er absoluut niets mee te maken kunnen hebben, zoals de vergelijking dat ook Obama nog voor de crash zich voordeed, een sociaal agendapunt had, namelijk de nu zo besproken hervorming van de ziekenzorg of het lezen van de benaming “De Grote Recessie” in de krant. In 1929 sprak men nog niet van "de Grote Depressie”, maar van de “Grote Crisis.” De uitspraken van vele prominenten dat het ergste nu voorbij is. En onlangs dat dank zij de genomen maatregelen van Bernanke, de 'near depression' bezworen is; de wereld gered. Sinds ik het TV interview op CNBC met Elizabeth Warren, hoogleraar aan de Harvard Law School en voorzitter van het panel van het Congres, dat de uitgaven van het TARP of beter gekend als Paulson-plan, moet onderzoeken zag, brak de illusie dat de herkapitalisatie van de banken hét verschil, een doorslaggevend verschil, was tussen beide crises. Niet alleen is de bewering fout dat men in 1929 – 1930 niets ondernam om de banken gezond te houden via herkapitalisatie, het doet me ook denken aan de tijd na het debacle van Bear Stearns, toen de ernst van de huizenmarkt duidelijk werd, en analisten stelden, dat de situatie wel ernstig was, maar dat banken tegen een stoot kunnen en er dus geen sprake was, van een naderende bankencrisis. De uitspraken van Elisabeth Warren kwamen me over als een noodkreet van haar: “De banken zijn niet wat de markten denken dat ze zijn, ze staan in feite nog altijd onder water als eind 2008.

“De gevolgen van een geslaagd ingrijpen schijnen even angstwekkend als deze van niet-ingrijp”

Deze uitdrukking komt uit het boek van John Kenneth Galbraith. En beschrijft ze niet de huidige Amerikaanse politiek om echt in te grijpen? Als voorbeelden denk ik aan de versoepeling van de boekhoudkundige regels, zoals aangehaald in het interview met Elisabeth Warren. Maar ik denk ook aan de gebeurtenis toen China vroeg om de dollar als reserve munt te herzien. De dag daarop liet de Amerikaanse minister van financiën Geithner weten dat hij bereid was om dat te bespreken. De Amerikaanse indexen reageerden negatief met een forse daling, te verstaan gevend; een aanpassing van de huidige reserve munt niet zagen zitten. Waarop de minister zijn woorden introk en de indexen prompt herstelden.

Krek hetzelfde in verband met de tussenkomsten om het financieel banksysteem te herstellen. Het lijkt dat ze in functie staan van het verloop van de indexen, dan dat ze gericht zijn op hun herstel. Stijgen de indexen OK. Dalen ze, vlug vlug een andere oplossing. Ze bekrachtigen de woorden van Galbraith vind ik, waaruit dient afgeleid te worden dat het zo niet hoort en misschien de oorzaak zijn van: “de beurzen daarna verder daalden, dag in dag uit, week in week uit, maand in maand uit, jaar in jaar uit “ Het eerste plan van Geithner in februari 2009 werd onthaald met een forse daling die de indexen naar hun laagste koersen dropten. Het PPIP, the Public-Private Investment Program (met haar put optie voor de investeerders) of Geithner 2.0, werd dan positief onthaald en waren een belangrijke aanzet voor de opmerkelijke remonte van de Amerikaanse indexen. Op één dag stegen de indexen met iets meer dan 6,5%. Het is alsof de Amerikaanse autoriteiten vinden dat de indexen niet onder een bepaald niveau mogen staan voor het welzijn van de economie. Zou het kunnen dat de banken goedkoop geld werd toegestopt om de indexen te ondersteunen tot dit minimum niveau? Een dergelijk relaas zou je terug kunnen vinden in het boek van Galbraith. Zeer voorwaardelijk uitgedrukt, in de zin dat je het zou kunnen interpreteren. De perikelen rond Goldman Sach laten toe om in die richting te denken, vind ik. Het is alsof het geloof regeert, hogere koersen = economische groei en stimulans en dus elke maatregel die tot lagere koersen aanleiding kunnen geven worden gemeden.

Paul Krugman schrijft in zijn boek, vertrouw geen econoom, net zomin een vliegtuigontwerper, die niet speelt met modelletjes om hun ontwerp te testen. Ik stel me dan ook een gezin voor, waarvan de kinderen geld kunnen lenen van hun ouders om hun eigen aandelenportefeuille op te bouwen. Stel nu dat de ouders zeer gemakkelijk leningen toestaan aan hun kinderen aan steeds lagere intresten, zelf 0% indien nodig, en de kinderen erin slaagden door gewaagde hefbomen in moeilijkheden te komen. Het antwoord van de ouders is het geloof dat verliezen tijdelijk zijn, maar met de tijd terecht komen, en dus spelen ze hun kinderen geld toe om te voorkomen dat de portefeuilles van hun kinderen gedwongen worden verkocht.... Ik denk dat je verwende kinderen krijgt zoals de huidige banken, die het gevoel hebben dat hun speculatieve bedrag door hun ouders worden goedgekeurd, zelfs aangemoedigd. De hoop is gebaseerd dat de kinderen zowel voor zichzelf als voor hun ouders uit de kritieke toestand het vernuft bezitten om ondanks de verliezen en nog eens iets extra uit te halen, waar beiden de ouders en de kinderen bij zullen welvaren. De kans is echter reëel dat het totaal anders verloopt. Het zou beter geweest zijn de kinderen te verplichten zo snel mogelijk zaken op orde te brengen en hun portefeuilles gedwongen te laten verkopen denk ik. Als er dan nog schulden zijn zouden de ouders eventueel kunnen bijdragen om hun lasten, hun schulden te verlichten.
Tijdens de Grote Depressie, gebeurde het echte uitzuiveren van de situatie in 193", na de verkeizing van president Roosevelt. De situatie was zo ernstig geworden dat: “De gevolgen van een geslaagd ingrijpen schijnen even angstwekkend als deze van niet-ingrijp” niet meer golden.

pagina 1/1